Gevangen en het vangnet
17 januari 2026
De eerste week is voorbij. Ik schrijf dit nu op, maar geloof het nog steeds niet helemaal.
Dag acht was de eerste dag dat ik weer het gevoel had dat ik tijd had om met de wereld buiten deze hekken te communiceren. Ik leef op een eiland: alles achter dat hek is te voet onbereikbaar en een auto heb ik niet. Tussen mij en de buitenwereld zit een stuk nationaal park waar regelmatig olifanten, leeuwen en hyena’s worden gespot.
Alles wat ik nu ga opschrijven draagt bij aan het gevoel van geslotenheid dat deze plek met zich meebrengt, en toch zal ik uitleggen waarom ik hier nog steeds zo gelukkig ben.
Om te beginnen: het weer. De dag van aankomst was het zo’n 36 graden, wat natuurlijk hartstikke lekker is als je een jaar aan spullen je legertent in moet sleuren. Dit allemaal terwijl je er vrolijk en fris uit probeert te zien om die eerste indruk vlekkeloos (letterlijk) te laten verlopen. Gelukkig koelde het al snel af en werd de hitte vervangen door het volgende drama. Na mijn ‘rijexamen’, om even te kijken of ik dat enorme voertuig een beetje soepel door het park kreeg, werd het al snel duidelijk dat het heel hard en heel lang ging regenen. Tot nu toe is dat nog niet gestopt. Een constante stroom aan water: alle wegen verdwijnen en alles is, wordt en blijft nat. De beelden van de rest van Kruger gaan al over social media en ook mijn ouders hebben er wat van mogen proeven.
Wat de regen voor de rest betekent, is eigenlijk het belangrijkst. Alles is vochtig: mijn bed, mijn ongedragen kleding, mijn schoenen, de tafel, de vloer. Je bent nooit helemaal droog en ook zeker nooit helemaal schoon. Alles wat ik was in mijn emmer komt droger uit die emmer dan wanneer het een dag buiten hangt. Mijn kamergenoten probeerden dingen binnen te drogen, maar zoals je je misschien kunt voorstellen is die geur nog steeds niet uit de tent vertrokken. Die kamergenoten zijn verder hartstikke gezellig en ik ben blij dat ik met die twee op een kamer zit, maar ook dit draagt niet per se bij aan het gevoel van vrijheid. Elke snurk, draai of gaap wordt vastgelegd en de volgende dag uitgebreid besproken tijdens het ontbijt, en hier doe ik dan ook met volle borst aan mee.
Daarnaast is er natuurlijk nul privacy. Al mijn kleding, spullen en woonruimte vinden hun plek in, onder of vlak naast mijn bed. De badkamer is te klein om je tandenborstel neer te leggen en ook hier wordt privacy tegengehouden door het ontbreken van een slot op de deur.
Om deze prachtige omschrijving af te sluiten moet ik het nog even hebben over een kleine stoorzender: de chaos. Alles is chaos en loopt steeds net even anders dan de bedoeling is. Mijn trainers doen alles wat ze kunnen, maar door het weer is alles anders gelopen en hebben we nu al elke dag het gevoel dat we achterlopen op schema. Dus elk stukje vrije tijd wordt zo goed mogelijk benut in de boeken. De chaos is ook de wifi en telefoonprovider binnengedrongen, dus bellen is ook echt lastig geworden. Normaal vind ik bellen niet zo belangrijk, maar voor mij is het nu best een cruciaal onderdeel van mijn leven geworden, aangezien een langeafstandsrelatie zonder bellen nogal onmogelijk voelt.
Voor de mensen die zich afvragen waarom ik dan nu nog zo geïnteresseerd en gelukkig ben op deze plek: dat is waar het vanaf nu waarschijnlijk voornamelijk over zal gaan, ook in de blogs die eraan zitten te komen.
Voor nu even een korte versie van waarom ik hier alsnog zo geniet. Ik moet toch weer beginnen met mensen. Ook al doe ik dit voor de dieren, mensen zijn uiteindelijk het belangrijkst. Ik heb enorm veel geluk met de groep waarin ik ben beland. Mijn kamergenoten zijn een perfecte combinatie van fun en rust en bij de rest van de studenten is al een vriendengroep ontstaan waarin ik mijn rol perfect weet te vinden. Ik leef inmiddels volledig in het Engels en mijn sociale batterij lijkt meer op die van een extravert dan die van een introvert. Ik ga sociaal mijn bed in en kom er sociaal weer uit, en tussendoor neem ik alle tijd die ik nodig heb voor mezelf.
De trainers en de rest van het personeel bevallen ook enorm. Ook hier weer een perfecte combinatie van gezelligheid en structuur. Ik begin langzaam beste maatjes te worden met de twee chefs en probeer tussendoor iedereen met een lach te groeten. De plek waar ik al die energie vandaan haal om elke dag op die manier aan te pakken, komt voornamelijk uit één persoon. Elke dag probeer ik even te bellen met mijn vriendin en op die momenten kan ik mijn hoofd helemaal legen en me klaarmaken voor de volgende dag. Daarnaast heb ik een enorm vangnet aan andere dingen die me rustig krijgen, maar in deze chaos is deze routine hetgene waardoor ik mezelf blijf.
Daarnaast is er natuurlijk ook het avontuur en het enthousiasme waardoor elke dag voorbij vliegt. Ik stroom door de dag heen; activiteiten voelen als dagjes uit, studiemomenten voelen als bankhangen en bij die dieren valt geen gevoel te omschrijven. We zijn nog geen moment echt weg geweest van de campus en toch is er altijd wel iets te zien. Over die ervaring schrijf ik morgen meer en daarna wordt het huilen geblazen, want dan zal ik wat meer vertellen over wat mijn ouders voor me betekenen tijdens dit avontuur.

Bedankt voor je mooie verhaal.